02 In de rubriek Badkamer en sanitair

Badkamer schoonmaken lukt beter met de juiste volgorde

Kalk op de kraan, zeepresten op de douchewand of aanslag in de voegen vragen niet altijd om hetzelfde schoonmaakmiddel. Met een vaste volgorde en aandacht voor het materiaal maak je de badkamer schoon zonder onnodig agressieve middelen.

Door Sanne de Wit 4 min leestijd

Opgerolde katoenen handdoeken, reinigingsborstel en zeepdispenser op houten badkamermeubel

Na het douchen blijven water, zeep en vuil achter op tegels, kranen en glas. Laat je die aanslag zitten, dan kost verwijderen later meer werk. Begin daarom met de soort vervuiling en het oppervlak: een milde reiniger en water volstaan vaak voor dagelijks vuil, terwijl kalk op een andere manier vraagt om aandacht dan schimmel of zeepresten.

De aanpak hieronder loopt van opruimen en reinigen tot naspoelen, drogen en controleren. Zo voorkom je ook dat een middel dat geschikt is voor een gladde tegel schade veroorzaakt aan een voeg of natuurstenen blad.

Waar komt het vuil vandaan en wat is het oppervlak?

In de badkamer zie je meestal een combinatie van vuilsoorten. Zeepresten en huidvet vormen een laag op tegels en glas; opgedroogde druppels kunnen kalk achterlaten. In voegen en kitnaden kan aanslag ontstaan als vuil en vocht achterblijven. Milieu Centraal beschrijft sanitairreiniger als een middel dat zowel kalk als vet kan aanpakken. Begin dus met een passende reiniger voor het oppervlak, in plaats van meerdere middelen door elkaar te gebruiken.

Controleer eerst of je tegels keramisch zijn, of dat er natuursteen is gebruikt. Ook een gecoate kraan, een kunststof douchebak en cementgebonden voegen kunnen eigen onderhoudsvoorschriften hebben. Bij twijfel kies je voor water en een zachte doek, en kijk je op de verpakking of bij de fabrikant van het materiaal. Een zuur middel kan kalk oplossen, maar is niet automatisch veilig voor alle oppervlakken en voegen.

Heb je een badkamer met een lastige indeling of verschillende materialen, dan helpt het om bij keuzes voor een aanpassing ook rekening te houden met onderhoud. De badkamerverbouwing plannen begint bijvoorbeeld met het bepalen van materialen en gebruik, niet alleen met de uitstraling. Een passende badkamerindeling voor dagelijks gebruik kan bovendien helpen om plekken rond douche en wastafel bereikbaar te houden.

Welk middel past bij kalk, zeepresten en schimmel?

Voor lichte vervuiling gebruik je water en een zachte doek of spons. Bij vettere zeepresten kan een geschikte sanitairreiniger helpen. Gebruik niet meer product dan op de verpakking staat en laat het niet langer inwerken dan aangegeven. Meer middel maakt een oppervlak niet vanzelf schoner; resten kunnen juist achterblijven en extra naspoelen nodig maken.

Kalkaanslag vraagt om een ontkalker of ander zuur middel dat expliciet geschikt is voor het oppervlak. Ga er niet vanuit dat een product voor de kraan ook geschikt is voor de voeg ernaast. Forbo Eurocol waarschuwt dat veel kalkverwijderaars zuur zijn en cementgebonden voegen kunnen aantasten. Het advies is om zo’n middel alleen op zichtbare kalk te gebruiken, tegel en voeg eerst nat te maken en daarna grondig met schoon water na te spoelen. Dat is een toegeschreven advies van de fabrikant van tegeltechnische producten, geen algemene garantie voor ieder materiaal.

Schimmel is iets anders dan kalk. Een reiniger tegen kalk verwijdert niet automatisch de oorzaak van schimmel. Milieu Centraal adviseert regelmatig vuil en kalk te verwijderen, omdat schimmel zich gemakkelijker hecht op vervuilde oppervlakken, en vochtige ruimtes goed te ventileren. Volg bij een schimmelbestrijder het etiket nauwkeurig. Gebruik geen product op een oppervlak waarvoor het niet bedoeld is.

Meng schoonmaakmiddelen nooit. Milieu Centraal waarschuwt specifiek dat chloorbleekmiddel met zure reinigers giftig chloorgas kan vormen; in combinatie met ammonia kunnen irriterende chlooramines ontstaan. Houd producten in hun oorspronkelijke verpakking, ventileer tijdens het schoonmaken en volg de veiligheidsaanwijzingen op het etiket. Desinfecteren is bij gewone huishoudelijke vervuiling doorgaans niet nodig, aldus Milieu Centraal.

Hoe maak je de badkamer schoon zonder stappen over te slaan?

  1. Haal spullen weg. Verwijder losse flessen, badmatten en afval, zodat je bij randen en hoeken kunt. Spoel zichtbare losse haren weg of raap ze op voordat je water gebruikt.
  2. Werk van boven naar beneden. Neem eerst planken, spiegels en wandtegels af. Reinig daarna wastafel, kranen, douche of bad en eindig met de vloer. Zo komt vuil van hoger gelegen oppervlakken niet op een al schoongemaakte vloer terecht.
  3. Pak het vuil plaatselijk aan. Gebruik een zachte doek en een passend middel. Breng een ontkalker alleen aan waar kalk zichtbaar is en voorkom langdurig contact met voegen of kwetsbare materialen. Bij twijfel test je het middel eerst op een onopvallende plek, als de productinstructies dat toestaan.
  4. Reinig voegen voorzichtig. Gebruik geen harde borstel of schuurmiddel als je niet zeker weet of het voegwerk daartegen bestand is. Borstel met lichte druk en spoel resten weg. Zwarte of verkleurde kit kan niet altijd door schoonmaken worden hersteld; let ook op beschadiging of loslatende randen.
  5. Spoel en droog na. Verwijder reiniger met schoon water waar dat volgens de gebruiksaanwijzing nodig is. Trek water van douchewanden en de vloer en droog kranen of randen met een doek. Forbo Eurocol noemt droogtrekken en nadrogen als manieren om achterblijvend water en zeepresten te beperken.
  6. Ventileer. Laat vochtige lucht afvoeren via de aanwezige ventilatievoorziening. Alleen schoonmaken pakt een vochtprobleem niet aan als ventilatie ontbreekt of er een lekkage is.

Hoe controleer je of alles schoon is?

Bekijk oppervlakken bij goed licht. Een schone tegel voelt niet vettig aan en er blijven geen zichtbare strepen of reinigerresten achter. Controleer ook de randen van de kraan, de aansluiting bij de douche en de plekken achter flessen. Voegen en kitnaden horen niet langdurig nat of met vuil bedekt te blijven. Zie je na het drogen nog witte aanslag, dan kan dat kalk zijn; herhaal niet meteen een sterke behandeling, maar controleer eerst of het middel geschikt is en volg de instructies.

Let na het schoonmaken op terugkerende plekken. Een beetje aanslag op dezelfde plek kan wijzen op water dat steeds blijft staan; een snel terugkerende schimmelplek kan samenhangen met onvoldoende ventilatie of een bouwkundig vochtprobleem. Milieu Centraal wijst erop dat schimmel op meerdere plekken of schimmel die snel terugkomt kan samenhangen met bijvoorbeeld lekkage of onvoldoende ventilatiemogelijkheden. Maak dan niet alleen vaker schoon, maar onderzoek ook de oorzaak.

Een vaste, rustige werkwijze is meestal genoeg: kies het middel op basis van het vuil en materiaal, gebruik het gericht, spoel waar nodig na en laat de ruimte drogen. Zo houd je de badkamer bij zonder standaard naar sterke reinigers of desinfectiemiddelen te grijpen.

Veelgestelde vragen

Hoe vaak moet je de badkamer schoonmaken?

Dat hangt af van hoe vaak de badkamer wordt gebruikt, hoeveel mensen er wonen en hoe snel aanslag zichtbaar wordt. Haal na het douchen water van de wand en kraan en ventileer; daarmee beperk je achterblijvend vocht en druppels. Plan een grondige schoonmaak zodra vuil, zeepresten of kalk zichtbaar worden. Een vast weekschema is geen regel die voor elk huishouden past.

Kun je schoonmaakazijn op badkamertegels gebruiken?

Niet zonder eerst te controleren welk tegel- en voegmateriaal je hebt. Een zuur middel kan cementgebonden voegen aantasten, ook als het is verdund. Forbo Eurocol adviseert kalkwerende middelen daarom alleen plaatselijk te gebruiken, nadat tegel en voeg zijn bevochtigd, en het oppervlak daarna goed na te spoelen. Volg daarnaast de aanwijzingen op het product en controleer de onderhoudsinformatie van je tegel.

Is chloor nodig om de badkamer schoon te maken?

Voor gewone vervuiling meestal niet. Milieu Centraal schrijft dat een sanitairreiniger vuil en kalk kan aanpakken en dat regelmatig schoonmaken doorgaans voldoende is. Chloor maakt niet schoon en ontkalkt niet; gebruik het dus niet als standaardreiniger. Meng chloorbleekmiddel nooit met zure schoonmaakmiddelen of ammonia, omdat daarbij gevaarlijke dampen kunnen ontstaan.

Wat doe je als schimmel steeds terugkomt?

Reinig de plek volgens de aanwijzingen van een geschikt middel en zorg dat vochtige lucht weg kan. Komt schimmel snel terug, verschijnt het op meerdere plekken of is de plek omvangrijk, kijk dan verder dan het zichtbare oppervlak. Milieu Centraal noemt onder meer lekkage, optrekkend vocht en onvoldoende ventilatie als mogelijke onderliggende oorzaken. Bij een huurwoning meld je een mogelijk bouwkundig probleem bij de verhuurder.